ECLI:NL:RBAMS:2007:AZ9931
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheidsincident over arbitrageclausule in vrijwaringszaak met verknochtheid hoofdzaak
In deze civiele procedure vorderen A c.s. dat Slokker c.s. hen vrijwaart voor een schadevergoeding die zij mogelijk moeten betalen aan hun onderburen wegens vochtschade. Slokker c.s. beroepen zich op een arbitrageclausule in de algemene voorwaarden die geschillen tussen partijen aan arbitrage zou moeten onderwerpen.
De rechtbank stelt vast dat tussen A c.s. en Slokker Vastgoed een dergelijke arbitrageclausule geldt, maar dat tussen A c.s. en Slokker Bouwgroep geen contractuele relatie met een arbitraal beding bestaat. A c.s. voeren aan dat de arbitrageclausule niet exclusief is en dat splitsing van de procedures onwenselijk is vanwege de verknochtheid van de vorderingen jegens beide vennootschappen en de hoofdzaak tegen de onderburen.
De rechtbank oordeelt dat het in redelijkheid niet van consumenten als A c.s. kan worden verlangd om over dezelfde vorderingen bij twee verschillende instanties te procederen. Daarom wordt de arbitrageclausule terzijde gesteld op grond van artikel 6:248 lid 2 BW Pro en verklaart de rechtbank zich bevoegd van de vorderingen kennis te nemen. Slokker c.s. worden veroordeeld in de proceskosten van het incident.
Uitkomst: De rechtbank stelt het arbitraal beding terzijde en verklaart zich bevoegd van de vorderingen kennis te nemen.