ECLI:NL:RBAMS:2007:BA6823
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank oordeelt over onrechtmatige daad en merkgebruik bij wederverkoop Subaru-auto’s
Subaru c.s. vorderden tegen diverse autobedrijven en personen (A c.s.) dat zij het wederverkopen van nieuwe Subaru-auto’s aan particulieren zouden staken, omdat dit in strijd zou zijn met een contractueel doorleververbod binnen hun dealernetwerk. De rechtbank oordeelde dat Subaru c.s. onvoldoende hadden opgetreden tegen dealers die het doorleververbod schonden, waardoor het selectieve distributiestelsel niet als juridisch gesloten kon worden beschouwd. Hierdoor was het handelen van A c.s. niet onrechtmatig jegens Subaru c.s., ook als werd aangenomen dat A c.s. van het doorleververbod wisten.
De rechtbank stelde vast dat A c.s. inbreuk maakten op de intellectuele eigendomsrechten van Subaru c.s. door het gebruik van beeldmerken en (woord-)beeldmerken op een wijze die de indruk wekte dat zij tot het officiële dealernetwerk van Subaru behoorden. Het gebruik van het woordmerk alleen was toegestaan mits gecombineerd met de aanduiding "specialist in". Diverse gedaagden werden per individueel beoordeeld op merkinbreuk en handelsnaamrechtelijke schendingen.
Daarnaast oordeelde de rechtbank dat A c.s. inbreuk maakten op de auteursrechten van Subaru c.s. door zonder toestemming foto’s van Subaru-auto’s te gebruiken in advertenties en op websites. De gevorderde dwangsommen werden gematigd en gemaximeerd. De vorderingen tot naleving van het doorleververbod en het verbod op het gebruik van bepaalde algemene voorwaarden werden afgewezen. De proceskosten werden deels gecompenseerd en deels toegewezen.
De rechtbank verklaarde zich niet bevoegd voor de vorderingen inzake de Gemeenschapsmerken en verwees dat deel van de zaak naar de rechtbank te ’s-Gravenhage. Het vonnis werd gewezen door mr. G.H. Marcus, mr. Q.R.M. Falger en mr. C.N. Dalebout en uitgesproken op 23 mei 2007.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen tot staken van wederverkoop af, maar oordeelt dat gedaagden inbreuk maken op merken- en auteursrechten en legt dwangsommen op.