ECLI:NL:RBAMS:2007:BB1227
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige aanmerking vaartuig als object in plaats van pleziervaartuig
Verzoeker bezit een vaartuig van het type dekschuit, afgemeerd in de Amstel, dat door verweerder onterecht als object is aangemerkt in plaats van als pleziervaartuig. Verweerder had bestuursdwang toegepast om het vaartuig uit het water te verwijderen, wat volgens de rechtbank niet bevoegd was.
De rechtbank oordeelt dat het vaartuig, gelet op bouw, inrichting en feitelijk gebruik, duidelijk als pleziervaartuig moet worden beschouwd. Verzoeker gebruikt het schip recreatief en heeft het uitgerust met motoren en stuurinrichting. Verweerder kon niet aannemelijk maken dat het vaartuig niet varend werd gebruikt of als opslagruimte diende.
De motivering van verweerder, die zich baseerde op niet nader gespecificeerde objectieve maatstaven voor bouw en inrichting, faalt. De rechtbank stelt dat bij gebrek aan nadere criteria moet worden aangesloten bij feitelijke bestemming en gebruik.
Het bestreden besluit wordt vernietigd, het bezwaar van verzoeker gegrond verklaard en het primaire besluit herroepen. Het verzoek tot voorlopige voorziening wordt afgewezen. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten (€966) en griffierecht (€286).
Uitkomst: Het besluit om het vaartuig als object aan te merken wordt vernietigd en het bezwaar van verzoeker wordt gegrond verklaard.