ECLI:NL:RBAMS:2007:BB1852
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging duurovereenkomst en vertegenwoordigingsbevoegdheid tussen Atradius en Hechan
De zaak betreft een geschil tussen Atradius Credit Insurance NV en Hechan B.V. over de beëindiging van een duurovereenkomst inzake incassowerkzaamheden voor Italiaanse en Israëlische debiteuren. Atradius had de overeenkomst opgezegd met een opzegtermijn van één jaar, na een eerder kort geding waarin was bepaald dat de overeenkomst op de oude voet moest worden voortgezet tot een rechtsgeldige beëindiging.
Hechan stelde dat de overeenkomst onopzegbaar was geworden door een toezegging van een directeur van Atradius en vorderde onder meer voortzetting van de overeenkomst en schadevergoeding. Atradius betwistte de vertegenwoordigingsbevoegdheid van deze directeur en stelde dat Hechan had moeten controleren in het Handelsregister. De rechtbank oordeelde dat Hechan niet mocht vertrouwen op de vermeende onbeperkte bevoegdheid en dat Atradius haar twee-handtekeningenbeleid openbaar had gemaakt.
De rechtbank concludeerde dat Atradius het kort geding vonnis had nageleefd en dat de opzegtermijn van één jaar redelijk was, gelet op de belangen van beide partijen en de aard van de overeenkomst. De vorderingen van Hechan werden afgewezen, en Hechan werd veroordeeld in de proceskosten. Tevens werd bepaald dat Hechan geen dwangsommen mocht executeren na de beëindiging van de overeenkomst.
Uitkomst: De overeenkomst tussen Atradius en Hechan is rechtsgeldig beëindigd per 13 april 2005, en de vorderingen van Hechan worden afgewezen.