ECLI:NL:RBAMS:2007:BB1953
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vonnis over vernietiging en financiële afwikkeling van effectenlease-overeenkomsten
In deze zaak stonden effectenlease-overeenkomsten tussen eisers en Dexia Bank Nederland N.V. centraal. Eisers stelden dat zij onverschuldigd betalingen hadden gedaan en vorderden terugbetaling, terwijl Dexia in reconventie betaling van openstaande termijnen eiste. De kantonrechter verwees naar een eerder tussenvonnis en nam de daarin gemaakte berekeningen over.
De rechtbank oordeelde dat eisers 42 maandtermijnen hadden voldaan en dat Dexia hen daarom een bedrag van € 28.588,14 moest restitueren, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 23 februari 2003. Tevens werd vastgesteld dat Dexia op grond van redelijkheid en billijkheid 30% van het nadeel moest dragen, waardoor eisers een deel van het nadeel zelf moesten dragen. Hierdoor werden zij veroordeeld tot betaling van € 3.419,67 aan Dexia, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 15 augustus 2007.
De gevorderde contractuele rente werd afgewezen wegens ontbreken van een overeengekomen vertragingsrente. De kantonrechter wees de vordering in voorwaardelijke reconventie af en veroordeelde de partijen in de proceskosten. Het vonnis werd bij vervroeging uitgesproken door kantonrechter A.H.E. van der Pol.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de lease-overeenkomsten en veroordeelt Dexia tot terugbetaling van € 28.588,14 met wettelijke rente, terwijl eisers tot betaling van € 3.419,67 aan Dexia worden veroordeeld.