ECLI:NL:RBAMS:2007:BD2819
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.J.R.M. Vermolen
- L.E. Kalff
- W.J. van Bennekom
- Rechtspraak.nl
Toelaatbaarheid overlevering opgeëiste persoon aan Frankrijk voor drugshandel
De rechtbank Amsterdam behandelde de vordering tot overlevering van een opgeëiste persoon aan Frankrijk op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) voor betrokkenheid bij meerdere transporten van verdovende middelen. De opgeëiste persoon voerde onschuldverweer en stelde persoonlijke belangen aan, waaronder de gezondheid van zijn vrouw en zichzelf.
De rechtbank constateerde dat de feiten ook deels in Nederland waren gepleegd, wat een weigeringsgrond volgens artikel 13 OLW Pro kan opleveren. De officier van justitie vorderde echter af te zien van deze weigeringsgrond vanwege de goede rechtsbedeling, mede ondersteund door een stakingsbeslissing van de Nederlandse minister van Justitie en garanties van de Franse autoriteiten.
De rechtbank oordeelde dat de strafrechtelijke vervolging in Nederland is gestaakt en dat de bewijsmiddelen en zwaartepunt van het onderzoek zich in Frankrijk bevinden. De persoonlijke belangen van de opgeëiste persoon waren onvoldoende onderbouwd om overlevering te weigeren. De overlevering werd daarom toegestaan.
Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering van de opgeëiste persoon aan Frankrijk toe voor het strafrechtelijk onderzoek naar drugshandel.