ECLI:NL:RBAMS:2007:BE9605
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Terugvordering WWIK-uitkering wegens niet tijdig overleggen administratie
Verzoekster ontving een WWIK-uitkering over 2006 en was verplicht haar administratie uiterlijk binnen zes maanden na afloop van dat kalenderjaar te overleggen. Zij heeft deze verplichting niet nageleefd, ondanks uitstel tot 1 september 2007. Verweerder heeft daarom de uitkering teruggevorderd op grond van artikel 30 WWIK Pro.
Verzoekster maakte bezwaar en overhandigde alsnog haar administratie, maar dit werd ongegrond verklaard. De rechtbank oordeelt dat het dwingende karakter van de wettelijke termijn geen ruimte laat voor coulance en dat het latere overleggen van stukken buiten beschouwing moet blijven.
De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de terugvordering. Er is geen aanleiding voor een voorlopige voorziening of vergoeding van griffierecht. Het besluit van verweerder blijft daarmee in stand.
Uitkomst: Het beroep van verzoekster tegen de terugvordering van de WWIK-uitkering wordt ongegrond verklaard.