ECLI:NL:RBAMS:2008:BC2278
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.B. Kleiss
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over ziekmelding en plichtsverzuim brandweerman Amsterdam
Eiser, werkzaam bij de Brandweer Amsterdam, meldde zich ziek op 6 december 2005, te midden van een massale ziekmelding van zijn ploeg. Verweerder hield de bezoldiging in over de niet-gewerkte uren en legde twee verlofdagen als disciplinaire maatregel op wegens plichtsverzuim. Eiser stelde dat hij zich conform het ziekteverzuimprotocol had ziekgemeld en dat hij de instructies van de controleur had opgevolgd.
De rechtbank stelde vast dat volgens artikel 511 van Pro het Ambtenarenreglement Amsterdam (ARA) arbeidsongeschiktheid ingaat op de dag van ziekmelding en eindigt bij medisch geschiktheidverklaring door een arbodeskundige. Omdat eiser niet naar de bedrijfsarts ging, kon geen medisch oordeel worden vastgesteld, maar het wettelijk vermoeden van arbeidsongeschiktheid bleef bestaan. Het verwijt dat eiser niet meewerkte aan het arbodienstonderzoek leidde tot het oordeel dat hij geen recht had op bezoldiging over de betreffende uren en dat sprake was van plichtsverzuim.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit dat de bezoldiging en verlofdagen inhoudt, maar liet de rechtsgevolgen daarvan in stand. Tevens veroordeelde zij verweerder in de proceskosten van eiser. De opgelegde disciplinaire maatregel werd als niet onevenredig beoordeeld, mede gelet op de massale ziekmelding en eerdere waarschuwingen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.