ECLI:NL:RBAMS:2008:BD2472
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.D. Bonga-Sigmond
- M.F.J.M. de Werd
- W.J. van Bennekom
- Rechtspraak.nl
Weigering overlevering wegens ongenoegzaamheid stukken en schending specialiteitsbeginsel
De rechtbank Amsterdam behandelde het verzoek tot overlevering van een Italiaanse verdachte op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door de Italiaanse justitiële autoriteiten. De verdachte wordt verdacht van betrokkenheid bij handel in verdovende middelen en deelname aan een criminele organisatie. De rechtbank oordeelde dat de omschrijving van de feiten onvoldoende concreet was, met name ontbraken specifieke transporten, namen van medeverdachten en hoeveelheden, waardoor niet werd voldaan aan artikel 2 van Pro de Overleveringswet (OLW).
Daarnaast was de door Italië verstrekte garantie op grond van artikel 6 OLW Pro onvoldoende duidelijk, met name over de terugkeergarantie naar Nederland, mede doordat de garantie slechts bindend zou zijn voor Italiaanse nationals. De redelijke termijn voor behandeling van het verzoek was overschreden, wat eveneens een grond voor weigering vormde. De rechtbank overwoog ook dat het specialiteitsbeginsel en de dubbele strafbaarheid niet waren gewaarborgd voor het feit van deelname aan een criminele organisatie.
De verdediging voerde aan dat de stukken onvoldoende waren en dat de overlevering moest worden geweigerd. De officier van justitie stelde zich op het standpunt dat de garanties voldoende waren en dat de redelijke termijn niet was overschreden. De rechtbank volgde echter de verdediging en weigerde de overlevering. Tegen deze uitspraak is geen gewoon rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: De rechtbank weigert de overlevering van de verdachte aan Italië wegens ongenoegzaamheid van de stukken en onvoldoende garanties.