ECLI:NL:RBAMS:2008:BD4888
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.G. Bauduin
- G.H. Marcus
- W.M. de Vries
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift tegen dagvaarding in strafrechtelijk onderzoek Probo Koala ongegrond verklaard
In deze strafzaak rond het strafrechtelijk onderzoek naar de Probo Koala is verdachte gedagvaard voor milieudelicten met betrekking tot de illegale overbrenging en aflevering van gevaarlijke afvalstoffen. Verdachte stelde dat hij op grond van passages in een proces-verbaal van relaas gerechtvaardigd vertrouwen had dat hij niet zou worden vervolgd, en verzocht om niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie.
De rechtbank heeft het bezwaarschrift inhoudelijk behandeld. De verdediging stelde dat het proces-verbaal, dat door een opsporingsambtenaar was opgesteld, een onvoorwaardelijke toezegging inhield dat verdachte niet zou worden vervolgd. Het OM voerde daartegen aan dat het proces-verbaal geen bindende mededeling van vervolgingsbeslissingen bevatte en dat het onderzoek nog gaande was.
De rechtbank oordeelde dat het proces-verbaal niet kan worden gezien als een toezegging van het OM en dat verdachte geen gerechtvaardigd vertrouwen kon ontlenen aan de inhoud ervan. Ook was het proces-verbaal niet rechtstreeks aan verdachte gericht. Gezien de ernst en omvang van het onderzoek was het niet aannemelijk dat vervolgingsbeslissingen via een dergelijk document zouden worden gecommuniceerd.
Daarom werd het bezwaarschrift ongegrond verklaard en staat vervolging van verdachte niet in de weg. De beslissing werd genomen door de economische strafkamer van de rechtbank Amsterdam op 20 juni 2008.
Uitkomst: Het bezwaarschrift tegen de dagvaarding wordt ongegrond verklaard en de vervolging wordt toegestaan.