ECLI:NL:RBAMS:2008:BD5729
Rechtbank Amsterdam
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige perspublicatie met schending portretrecht en schadevergoeding
In deze zaak vordert A tegen VARA rectificatie, schadevergoeding en een verklaring voor recht vanwege publicatie van een foto van A bij een artikel in VARA TV Magazine dat rapclips in verband bracht met groepsverkrachting. A stelt dat zijn portretrecht is geschonden en dat de publicatie zijn eer en goede naam aantastte, met negatieve gevolgen voor zijn werk als jongerenwerker.
De rechtbank stelt vast dat VARA zonder toestemming de foto van A gebruikte en dat dit inbreuk maakt op zijn persoonlijke levenssfeer en eer. De belangenafweging tussen het recht op privacy van A en de vrijheid van meningsuiting van VARA leidt tot de conclusie dat VARA onrechtmatig heeft gehandeld. De publicatie heeft de reputatie van A als beginnend artiest en jongerenwerker geschaad.
De rechtbank wijst de vordering tot rectificatie af omdat niet aan de wettelijke voorwaarden is voldaan. Materiële schade wordt afgewezen wegens gebrek aan causaal verband met de publicatie. VARA wordt veroordeeld tot betaling van een immateriële schadevergoeding van €2.000 en in de proceskosten. De vordering met betrekking tot een latere publicatie in VARA TV Magazine wordt eveneens afgewezen vanwege overleg met A's toenmalige raadsman.
Uitkomst: VARA is onrechtmatig jegens A door zonder toestemming zijn foto te publiceren en moet €2.000 immateriële schadevergoeding betalen.