ECLI:NL:RBAMS:2008:BF1303
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak noodweer doodslag en veroordeling voor vuurwapenbezit in kapperszaak
Op 23 mei 2008 schoot verdachte in een kapperszaak te Amsterdam [slachtoffer] neer, die later overleed aan zijn verwondingen. Verdachte verklaarde dat hij zich verdedigde tegen een dreigende en agressieve aanval van [slachtoffer], die een stroomstootwapen droeg en hem bedreigde. De rechtbank achtte het beroep op noodweer gegrond en sprak verdachte vrij van doodslag, hoewel het feit bewezen werd verklaard.
De rechtbank oordeelde dat verdachte niet het gevaar had opgezocht of uitgelokt en dat de schietactie proportioneel was gezien de situatie waarin verdachte met zijn rug tegen de muur stond en geen vluchtmogelijkheid had. De verklaringen van verdachte werden ondersteund door die van de eigenaar van de kapperszaak en het forensisch onderzoek.
Wel werd bewezen verklaard dat verdachte een verboden vuurwapen en munitie bij zich had, waarvoor hij werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie maanden. Verdachte was een first offender en de straf werd verminderd met voorarrest. Daarnaast werden diverse voorwerpen verbeurd verklaard of onttrokken aan het verkeer.
De benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering omdat verdachte voor het bewezen verklaarde feit van doodslag werd ontslagen van rechtsvervolging. De rechtbank benadrukte de strikte criteria voor noodweer en concludeerde dat verdachte terecht handelde in een acute bedreigende situatie.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van moord en ontslagen van rechtsvervolging voor doodslag wegens noodweer, maar veroordeeld tot drie maanden gevangenisstraf voor verboden vuurwapenbezit.