ECLI:NL:RBAMS:2008:BF9103
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.J.M. Breedveld-van Beeck Calkoen
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst afgewezen wegens valsheid in geschrifte uit privé-sfeer
De zaak betreft een verzoek van AAHG Hypotheken Groep B.V. tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst met een werknemer wegens valsheid in geschrifte. De werknemer had in 2000 zonder medeweten van zijn echtgenote haar handtekening gezet op een kredietaanvraag bij ABN/AMRO, de moedermaatschappij. Dit kwam aan het licht in 2007 tijdens een echtscheiding en leidde tot een aangifte bij de politie, die de zaak als civielrechtelijk bestempelde.
AAHG stelde dat het gedrag van de werknemer een dringende reden opleverde voor ontbinding, omdat het vertrouwen ernstig was geschaad en het gedrag niet slechts privé was. De werknemer erkende de fout, maar voerde aan dat het incident lang geleden was, in de privésfeer plaatsvond, en dat hij een onberispelijke staat van dienst had van 28 jaar.
De kantonrechter oordeelde dat het handelen van de werknemer hoofdzakelijk privékarakter had en niet in relevante mate samenhing met zijn werkzaamheden. Er was geen bewijs dat de werknemer zijn werkgever bewust wilde benadelen. De politie had de zaak als civielrechtelijk aangemerkt en de werknemer had een verklaring van goed gedrag ontvangen. Gezien het tijdsverloop en het onberispelijke dienstverband was ontbinding van de arbeidsovereenkomst een te zware sanctie.
De kantonrechter wees het verzoek tot ontbinding af en veroordeelde AAHG tot betaling van de proceskosten aan de zijde van de werknemer.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen wegens het privékarakter van de valsheid in geschrifte en het lange onberispelijke dienstverband.