ECLI:NL:RBAMS:2008:BG6067
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- C. Klomp
- P.H.A. Knol
- A. Belcheva
- Rechtspraak.nl
Toestemming tot overlevering op grond van Europees aanhoudingsbevel voor resterende gevangenisstraf
De rechtbank Amsterdam behandelde op 5 november 2008 de vordering tot overlevering van een Poolse veroordeelde op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door de Regionale Rechtbank te Wloclawek. Het EAB betreft de tenuitvoerlegging van een resterende gevangenisstraf van 1 jaar, 5 maanden en 9 dagen, opgelegd bij vonnis van 30 april 1999.
De opgeëiste persoon betwistte zijn schuld en voerde aan dat de beslissing tot herroeping van zijn voorwaardelijke invrijheidstelling zonder zijn aanwezigheid was genomen, waardoor een verstekvonnisgarantie vereist zou zijn. De rechtbank oordeelde echter dat artikel 12 OLW Pro niet van toepassing is op dergelijke executiebeslissingen, maar alleen op veroordelingen. Tevens werd vastgesteld dat het EAB gebaseerd is op het vonnis van 1999 en niet op de herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling.
De rechtbank nam kennis van de vertalingen van het EAB en concludeerde dat het feit valt onder een lijstfeit waarvoor geen toetsing van dubbele strafbaarheid vereist is. Daarnaast is voldaan aan de vereisten van strafbaarheid en maximale strafduur volgens zowel Pools als Nederlands recht. Het beroep op artikel 6 lid 5 OLW Pro, dat overlevering kan weigeren bij verblijf of ingezetenschap in Nederland, werd verworpen wegens onvoldoende bewijs van verblijf of ingezetenschap.
Gelet op de voldoening aan alle wettelijke eisen van de Overleveringswet, besloot de rechtbank de overlevering toe te staan. Tegen deze uitspraak staat geen gewoon rechtsmiddel open.
Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering toe van de veroordeelde aan Polen voor de tenuitvoerlegging van de resterende gevangenisstraf.