ECLI:NL:RBAMS:2008:BG7017
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering AWBZ-zorg aan niet-verblijfsvergunninghouder in strijd met EVRM niet vastgesteld
Eiser, een 35-jarige man uit Macedonië met een neuromusculaire aandoening, verblijft sinds 2003 in Nederland zonder verblijfsvergunning. Hij vroeg bij het CIZ een indicatie aan voor AWBZ-zorg, welke werd toegekend, maar het Zorgkantoor Agis weigerde de zorg te verlenen omdat eiser niet verzekerd is onder de AWBZ.
Eiser stelde dat deze weigering in strijd was met internationale verdragen, waaronder artikel 3 en Pro 8 EVRM. De rechtbank overwoog dat eiser niet verzekerd is volgens artikel 5 AWBZ Pro omdat hij niet rechtmatig verblijft. Het beroep op artikel 5b AWBZ werd verworpen omdat de verdragen waarop eiser zich beroept geen coördinatieverdrag zijn die de AWBZ van toepassing verklaren.
De rechtbank oordeelde dat de hoge drempel voor een schending van artikel 3 EVRM Pro niet werd gehaald, mede omdat eiser niet in een terminale fase verkeert. Ook werd geoordeeld dat artikel 8 EVRM Pro geen recht op zorg in Nederland geeft voor vreemdelingen zonder verblijfsrecht. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de weigering van AWBZ-zorg wordt ongegrond verklaard.