ECLI:NL:RBAMS:2008:BG8560
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Redelijke ontslagvergoeding en bonusafspraken voor voormalig bestuurslid ABN AMRO
S. was sinds 1983 in dienst bij ABN AMRO en trad in 2007 toe tot de Raad van Bestuur met een vierjarige benoeming. Bij zijn toetreding zijn duidelijke afspraken gemaakt over een ontslagvergoeding, bonussen en een retentie award, die samen ruim 16 miljoen euro beliepen. ABN AMRO wilde deze aanspraken beperken tot circa 2,4 miljoen euro, terwijl S. een bedrag van 18,2 miljoen euro vorderde, later beperkt tot 8 miljoen euro.
De kantonrechter oordeelt dat de gemaakte afspraken rechtsgeldig en afdwingbaar zijn, ondanks dat de ontslagvergoeding in absolute zin hoog is. De factoren die de vergoeding bepalen, zoals de lange diensttijd (26 jaar), leeftijd (52 jaar) en het hoge salaris met bonus, zijn gebruikelijk en redelijk. De correctiefactor van 1,4 in de kantonrechtersformule is eveneens overeengekomen en niet onredelijk.
Ook de bonussen over 2008 en 2009 en de retentie award zijn toegezegd en worden door ABN AMRO onvoldoende betwist. De kantonrechter wijst het verzoek van ABN AMRO af om de vergoeding te matigen, mede omdat het einde van de arbeidsovereenkomst in de risicosfeer van ABN AMRO valt en S. goed heeft gefunctioneerd.
De kantonrechter veroordeelt ABN AMRO tot betaling van 8 miljoen euro bruto aan ontslagvergoeding, bonussen en retentie award, met wettelijke rente vanaf 10 januari 2009, en wijst het meer of anders gevorderde af. De proceskosten worden gecompenseerd, ieder draagt zijn eigen kosten.
Uitkomst: ABN AMRO wordt veroordeeld tot betaling van 8 miljoen euro bruto aan ontslagvergoeding, bonussen en retentie award aan S.