ECLI:NL:RBAMS:2008:BH4308
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.F.J.M. de Werd
- H.P.H.I. Cleerdin
- M.M. van der Nat
- Rechtspraak.nl
Toelating tenuitvoerlegging Britse gevangenisstraf wegens cocaïne-invoer en beoordeling vordering TUL
De rechtbank Amsterdam behandelde op 9 december 2008 de vordering tot tenuitvoerlegging van een gevangenisstraf opgelegd door het Crown Court te Isleworth (Verenigd Koninkrijk) aan een veroordeelde met de Nederlandse nationaliteit. De veroordeelde werd veroordeeld voor invoer en bezit van 869 gram cocaïne. De rechtbank oordeelde dat het strafbare feit ook naar Nederlands recht strafbaar is en verleende verlof tot tenuitvoerlegging van de zesjarige gevangenisstraf.
De officier van justitie vorderde een gevangenisstraf van 32 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, rekening houdend met de tijd die de veroordeelde reeds in het buitenland had doorgebracht in voorlopige hechtenis en detentie. De rechtbank hield rekening met eerdere soortgelijke veroordelingen van de veroordeelde, waardoor strafverhoging op zijn plaats was, maar koos voor een deels voorwaardelijke straf met bijzondere voorwaarden, waaronder toezicht door de reclassering.
Daarnaast werd een vordering tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke straf opgelegd door de politierechter te Haarlem toegewezen, omdat de veroordeelde de algemene voorwaarde had overtreden door opnieuw een drugsdelict te plegen in het buitenland. De rechtbank wees verlenging van de proeftijd af en legde een gevangenisstraf van 32 maanden op, waarvan 12 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en beval aftrek van de reeds in het buitenland doorgebrachte detentietijd.
Uitkomst: Verlof verleend tot tenuitvoerlegging van de Britse gevangenisstraf en opgelegde gevangenisstraf van 32 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk met proeftijd.