ECLI:NL:RBAMS:2008:BH7293
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.W.K. van der Valk Bouman
- F. Salomon
- Y.A.A.G. de Vries
- Rechtspraak.nl
Toewijzing wrakingsverzoek wegens gegronde vrees voor partijdigheid van civiele rechter
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen een civiele rechter vanwege de weigering om nog schriftelijk te reageren en de gang van zaken tijdens de comparitie. De rechter had tijdens de comparitie aangegeven dat het wrakingsverzoek een fout was, mede gelet op haar voorlopig gunstig oordeel, waarmee zij druk op verzoeker uitoefende om het verzoek in te trekken. Verzoeker hield echter vast aan het wrakingsverzoek.
De rechtbank stelde vast dat de omstandigheden vóór indiening van het wrakingsverzoek geen grond voor wraking opleverden, maar dat de gebeurtenissen daarna wel relevant waren. De rechter had tijdens de behandeling van het wrakingsverzoek irritatie en negatieve emoties jegens de gemachtigde van verzoeker geuit, wat de schijn van partijdigheid wekte.
Gezien deze gedragingen en de druk die op verzoeker werd uitgeoefend, oordeelde de rechtbank dat de vrees voor partijdigheid objectief gerechtvaardigd was. Daarom werd het wrakingsverzoek toegewezen en werd de rechter gewraakt.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt toegewezen wegens gegronde vrees voor partijdigheid.