ECLI:NL:RBAMS:2008:BH7426
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.G. Bauduin
- G.H. Marcus
- M.M. Beins
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen kinderrechter wegens vermeende partijdigheid
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen een kinderrechter van de rechtbank Amsterdam, stellende dat de rechter niet onpartijdig zou zijn vanwege het bekleden van nevenfuncties en vermeende belangenverstrengeling met een grote klant van Bureau Jeugdzorg. Tevens werden ernstige, niet-onderbouwde aantijgingen geuit over het handelen van de rechter.
De rechtbank stelde vast dat de minderjarige kinderen van verzoeker onder toezicht stonden en dat verzoeker het wrakingsverzoek baseerde op vermoedens en niet-onderbouwde beschuldigingen. De rechter had per 1 mei 2007 zijn nevenfunctie bij de betrokken zorggroep beëindigd en er was geen sprake van belangenverstrengeling.
De rechtbank benadrukte dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij uitzonderlijke omstandigheden objectief aantonen dat dit niet het geval is. De aangevoerde gronden van verzoeker voldeden niet aan deze maatstaf. Het wrakingsverzoek werd daarom ongegrond verklaard en afgewezen.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de kinderrechter wordt afgewezen wegens gebrek aan objectieve aanwijzingen voor partijdigheid.