ECLI:NL:RBAMS:2009:BH6960
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.P. Smit
- C.F. de Lemos Benvindo
- C.A.E. Wijnker
- Rechtspraak.nl
Vaststelling en delegatie bevoegdheden bij vervoerskostenvergoeding Wmo
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam om zijn vervoerskostenvergoeding per 1 januari 2007 te beëindigen. De rechtbank stelt vast dat de aanvraag is gedaan na de inwerkingtreding van de Wmo en dat het college het besluit op grond van deze wet had moeten nemen. Hoewel het college de vergoeding heeft vastgesteld op basis van een regeling die niet als algemeen verbindend voorschrift is gepubliceerd, kan deze regeling als beleidsregel worden aangemerkt.
De rechtbank oordeelt dat de delegatie van de verordenende bevoegdheid door de gemeenteraad aan het college niet strijdig is met de Gemeentewet en dat de aard van de bevoegdheid zich niet tegen overdracht verzet. De vergoeding van € 0,29 per kilometer wordt als toereikend beschouwd, ondanks het hogere tarief van het UWV. Het besluit is ondeugdelijk gemotiveerd omdat niet duidelijk is op welke wettelijke regeling het is gebaseerd.
De rechtbank verklaart het beroep tegen het eerste besluit niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belang, verklaart het beroep tegen het tweede besluit gegrond en vernietigt dit besluit. De rechtsgevolgen van het vernietigde besluit blijven echter in stand. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten en moet het griffierecht aan eiser vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen het tweede besluit wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd, met in stand laten van de rechtsgevolgen.