ECLI:NL:RBAMS:2009:BI3624
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Executieoverlevering naar Tsjechië toegestaan wegens fraude en vervalsing betaalmiddelen
De rechtbank Amsterdam behandelde op 8 april 2009 het verzoek tot executieoverlevering van een persoon aan Tsjechië op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) wegens fraude en vervalsing van betaalmiddelen. De opgeëiste persoon was in Nederland zonder vaste verblijfplaats gedetineerd en betwistte onder meer zijn kennis van de Tsjechische strafprocedure.
De rechtbank oordeelde dat de opgeëiste persoon voldoende op de hoogte was gesteld van de strafzaak en dat het vonnis niet onrechtmatig in zijn afwezigheid was uitgesproken, zodat artikel 12 van Pro de Overleveringswet (OLW) niet van toepassing was. Het verweer dat de persoon duurzaam in Nederland verbleef en daarom gelijkgesteld moest worden met een Nederlander, werd verworpen vanwege onvoldoende bewijs van een duurzame band.
De rechtbank concludeerde dat aan de voorwaarden van de OLW was voldaan en dat de overlevering mocht worden toegestaan. De opgeëiste persoon werd overgeleverd aan de Tsjechische autoriteiten voor de uitvoering van een gevangenisstraf van zes jaar en zes maanden wegens de genoemde feiten.
Uitkomst: De rechtbank staat de executieoverlevering van de opgeëiste persoon aan Tsjechië toe voor de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf.