ECLI:NL:RBAMS:2009:BJ2313
Rechtbank Amsterdam
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot vaststelling dwangakkoord wegens weigering schuldeiser
De rechtbank Amsterdam behandelde het verzoek van [A] tot toelating tot schuldsanering en vaststelling van een dwangakkoord. [A] had een schuldregeling aangeboden waarbij de Belastingdienst als preferente schuldeiser 28,4% van haar vordering zou ontvangen en de bank als concurrente schuldeiser 14,2%. De Belastingdienst aanvaardde het aanbod, de bank weigerde principieel.
De bank stelde dat er geen problematische schuldensituatie bestond en wees erop dat [A] zijn lening bij de bank meerdere malen had verhoogd, onder andere voor de aanschaf van auto's en aflossing van andere schulden. [A] betwistte dit en stelde dat de bank hem actief had aangespoord tot kredietverhoging.
De rechtbank overwoog dat de bank, die 97,7% van de totale schuldenlast vertegenwoordigt, niet gedwongen kan worden tot instemming met het akkoord. Het door de bank aangeboden tegenbod maakte het mogelijk de schulden af te lossen zonder onevenredige belasting voor [A]. Gezien deze omstandigheden en het belang van de bank, werd het verzoek tot vaststelling van het dwangakkoord afgewezen. [A] handhaaft zijn verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling, waarover later wordt beslist.
Uitkomst: Het verzoek tot vaststelling van het dwangakkoord wordt afgewezen omdat de bank in redelijkheid tot weigering kon komen.