ECLI:NL:RBAMS:2009:BJ4894
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.G. Bauduin
- W.M. de Vries
- G. Demmink
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijk nalaten gegevensverstrekking bij bijstandsuitkering
De rechtbank Amsterdam heeft op 10 juli 2009 uitspraak gedaan in een zaak waarin verdachte werd beschuldigd van steunfraude door het opzettelijk nalaten van het verstrekken van gegevens aan de Gemeentelijke Sociale Dienst en later de Dienst Werk en Inkomen te Amsterdam. Verdachte en zijn medeverdachte ontvingen in de periode van oktober 2003 tot maart 2008 bijstandsuitkeringen, terwijl zij verzwegen dat verdachte werkzaamheden verrichtte, inkomsten ontving en over onroerend goed in Turkije beschikte.
De rechtbank stelde vast dat verdachte en medeverdachte in de betreffende periode samenwoonden en een gezamenlijke huishouding voerden, ondanks hun echtscheiding in 2004. Verdachte had zijn hoofdverblijf op het adres waar medeverdachte woonde en voerde een gezamenlijke huishouding, wat relevant was voor de vaststelling van de uitkering. Verdachte had bewust of met voorwaardelijk opzet nagelaten de benodigde gegevens te verstrekken, ondanks dat hij de Nederlandse taal niet volledig machtig was, maar wel formulieren ondertekende.
De rechtbank oordeelde dat verdachte het sociale zekerheidsstelsel had ondermijnd door onjuiste informatie te verstrekken en zichzelf te verrijken ten koste van de samenleving. Gezien de ernst van het feit, de duur van de fraudeperiode en het gebrek aan inzicht bij verdachte, werd een gevangenisstraf opgelegd van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar. De straf werd iets lager vastgesteld dan de eis van 10 maanden onvoorwaardelijk, maar met een langere proeftijd om herhaling te voorkomen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 12 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar.