ECLI:NL:RBAMS:2009:BL1092
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bevoegdheid en terugwerkende kracht bij toekenning AOW-pensioen
Eiser, woonachtig in Thailand, stelde beroep in tegen het besluit van de Sociale Verzekeringsbank (Svb) om zijn AOW-pensioen slechts met terugwerkende kracht van één jaar toe te kennen, ingaande november 2006. Eiser voerde aan dat het besluit mogelijk onbevoegd was genomen en dat de Svb tekort was geschoten in haar informatieplicht, waardoor hij niet tijdig een aanvraag heeft ingediend.
De rechtbank overwoog dat het primaire besluit en het besluit op bezwaar bevoegd zijn genomen door daartoe bevoegde medewerkers van de Svb. Het feit dat besluiten worden afgesloten met "Hoogachtend, Sociale Verzekeringsbank" leidt niet tot onbevoegdheid. Verder is vastgesteld dat eiser niet tot de categorieën behoorde waarvoor ambtshalve toekenning van AOW-pensioen geldt, en dat hij zelf verantwoordelijk was voor het indienen van de aanvraag.
De rechtbank stelde vast dat er geen sprake was van een bijzonder geval dat een eerdere toekenning rechtvaardigt. Eiser had onvoldoende oplettendheid betracht en verkeerde in de veronderstelling dat zijn ABP-pensioen ook zijn AOW-pensioen omvatte. De Svb heeft niet tekortgeschoten in haar informatieplicht en het beleid omtrent terugwerkende kracht is correct toegepast.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees zij een proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het AOW-pensioen wordt toegekend met terugwerkende kracht vanaf november 2006.