ECLI:NL:RBAMS:2009:BL5487
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.G. Bauduin
- G.H. Marcus
- T.J.M. Gijsberts
- Rechtspraak.nl
Toewijzing wrakingsverzoek wegens schijn van partijdigheid door inbeslagname na zitting
Verzoekster diende een wrakingsverzoek in tegen de leden van de meervoudige kamer van de rechtbank Amsterdam wegens vermeende schending van artikel 12 RO Pro en het recht op een eerlijk proces. De aanleiding was dat de officier van justitie de rechters informeerde over haar voornemen om na de zitting een ring van verzoekster in beslag te nemen, waarna de rechters aanwezig bleven terwijl de officier van justitie zich in belastende zin uitliet over de waarde van de kleding en ring van verzoekster.
De rechtbank onderzocht of dit handelen leidde tot subjectieve partijdigheid of een objectief gerechtvaardigde vrees daarvan. Er werd geen aanwijzing gevonden voor subjectieve partijdigheid, maar de rechtbank oordeelde dat de feitelijke gang van zaken en het optreden van de rechters de indruk konden wekken dat de inbeslagname en opmerkingen van invloed konden zijn op de beoordeling van de zaak.
Hierdoor ontstond bij verzoekster een objectief gerechtvaardigde vrees van vooringenomenheid. De rechtbank concludeerde dat het wrakingsverzoek daarom moest worden toegewezen. Het onderzoek ter zitting werd heropend en de zaak wordt hervat door een meervoudige kamer in een andere samenstelling.
De rechtbank benadrukte dat het enkele feit dat de rechters vooraf werden ingelicht over het voornemen tot inbeslagname nog niet betekent dat zij zich met partijen hebben ingelaten in de zin van artikel 12 RO Pro, maar de combinatie van omstandigheden gaf voldoende aanleiding tot het oordeel van schijn van partijdigheid.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek werd toegewezen en het onderzoek ter zitting wordt heropend door een andere samenstelling.