ECLI:NL:RBAMS:2009:BL5502
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A.J. Peeters
- A.A.M. van Oosten
- Y.A.A.G. de Vries
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek politierechter wegens vermeende vooringenomenheid
In deze zaak diende een verdachte een mondeling wrakingsverzoek in tegen de politierechter die zijn strafzaak behandelde. De verdachte stelde dat de rechter zich voor het einde van de behandeling al een oordeel had gevormd over de belastende verklaring van een getuige zonder dat de verdediging het recht van ondervraging had kunnen uitoefenen.
De rechtbank overwoog dat een rechter geacht wordt onpartijdig te zijn, tenzij er uitzonderlijke omstandigheden zijn die een zwaarwegende aanwijzing vormen voor vooringenomenheid. Zowel het subjectieve criterium (persoonlijke overtuiging of gedrag van de rechter) als het objectieve criterium (objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid) werden toegepast.
De rechtbank vond geen aanwijzingen voor subjectieve partijdigheid en ook geen zwaarwegende aanwijzingen voor objectieve vooringenomenheid. De rechter had het verzoek om een getuige opnieuw te horen zorgvuldig overwogen en geen oordeel gevormd over het belang van deze getuige voorafgaand aan de beslissing. De vermeende uitspraak van de rechter over het niet nodig vinden de getuige te horen, was niet terug te vinden in het proces-verbaal of griffieraantekeningen.
De rechtbank concludeerde dat de beslissing van de rechter begrijpelijk was en niet door vooringenomenheid werd ingegeven. De rechter had het belang van de voortgang van de zaak zwaarder gewogen dan het belang van de verdachte bij het horen van de getuige. Het wrakingsverzoek werd daarom afgewezen en de strafzaak werd voortgezet in de stand waarin deze zich bevond.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de politierechter is afgewezen en de strafzaak wordt voortgezet.