ECLI:NL:RBAMS:2009:BL6862
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.G. Bauduin
- Th.P.J. de Graaf
- Y.A.A.G. de Vries
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechters wegens vermeende vooringenomenheid in civiele procedure
Verzoekster diende een wrakingsverzoek in tegen de leden van de meervoudige kamer van de rechtbank Amsterdam die betrokken waren bij een civiele procedure tussen verzoekster en de gemeente Amsterdam. Het verzoek berustte op de vrees dat de rechters niet onpartijdig zouden zijn omdat zij eerder een vonnis hadden gewezen in een procedure tussen verzoekster en een woningbouwvereniging, waarbij grotendeels dezelfde overeenkomsten aan de orde waren.
De rechtbank overwoog dat het enkele feit dat dezelfde rechters eerder een vonnis hebben gewezen onvoldoende is om een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid te rechtvaardigen. De rechters hadden in het eerdere vonnis geen specifiek en gemotiveerd oordeel gegeven dat direct betrekking had op de onderhavige vordering tussen verzoekster en de gemeente. Ook waren de rechtsverhoudingen en vorderingen in beide procedures verschillend.
De rechtbank stelde vast dat het wrakingsverzoek tijdig was ingediend en ontvankelijk was. De rechters benadrukten dat zij onpartijdig zijn en dat het waarderen van bewijsmiddelen en het opnemen daarvan in een vonnis voorbehouden is aan de rechters zelf. Er waren geen bijzondere omstandigheden die tot een ander oordeel leidden.
Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen en werd bepaald dat de procedure met rolnummer [ ] wordt voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van het wrakingsverzoek. Tegen deze beslissing is geen voorziening mogelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechters wordt afgewezen en de procedure wordt voortgezet.