ECLI:NL:RBAMS:2009:BQ1257
Rechtbank Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift gegrond tegen onthouding digitale afschriften van verhooropnames
Klager diende een bezwaarschrift in tegen het onthouden van digitale afschriften van verhoren van medeverdachten en/of getuigen in zijn strafzaak. De verdediging stelde dat niet alle verhoren letterlijk waren uitgewerkt en dat alleen proces-verbaalbeschrijvingen onvoldoende waren voor een eigen beoordeling van de betrouwbaarheid.
De officier van justitie verstrekte een letterlijke uitwerking van een verhoor, maar weigerde digitale afschriften van verhooropnames te verstrekken vanwege privacyzorgen en het risico van verspreiding. De rechtbank oordeelde dat de opnames als processtukken moeten worden aangemerkt en dat het belang van de verdediging om deze digitaal te ontvangen zwaarder weegt dan de niet concreet onderbouwde privacybelangen.
De rechtbank stelde dat inzage op politiebureau of vertoning ter zitting onvoldoende is voor een zorgvuldige voorbereiding. Het bezwaarschrift werd daarom gegrond verklaard voor de digitale afschriften van de verhoren, terwijl het bezwaar tegen reeds verstrekte stukken niet-ontvankelijk werd verklaard.
Uitkomst: Het bezwaarschrift is gegrond verklaard voor digitale afschriften van verhooropnames, die binnen veertien dagen aan de verdediging moeten worden verstrekt.