ECLI:NL:RBAMS:2010:BM0450
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtszaak over makelaarstaken en aansprakelijkheid bij financieringsvoorbehoud woningkoop
De zaak betreft een geschil tussen de makelaar IJburg Vastgoed B.V. en koper [A] over de nakoming van een bemiddelingsovereenkomst bij de aankoop van een woning. IJburg vorderde betaling van courtage, terwijl [A] stelde dat IJburg tekort was geschoten door niet tijdig het financieringsvoorbehoud in te roepen, waardoor hij een boete moest betalen.
De rechtbank oordeelde dat de bemiddelingsovereenkomst rechtsgeldig was en dat IJburg als makelaar verantwoordelijk was voor aankoopbemiddeling en financieringsbemiddeling. Echter, het inroepen van de ontbindende voorwaarde behoorde niet tot de taken van de makelaar zonder expliciete machtiging. IJburg had wel de koper tijdig moeten wijzen op het aflopen van de termijn en de gevolgen daarvan.
De rechtbank stelde vast dat IJburg onvoldoende had aangetoond dat zij aan deze zorgplicht had voldaan, mede gezien de taalbarrière en het gebrek aan communicatie met [A]. Hierdoor was IJburg toerekenbaar tekortgeschoten, waardoor [A] schade had geleden door de boete. De vordering van IJburg tot betaling van courtage werd afgewezen en de vordering van [A] tot schadevergoeding toegewezen.
Daarnaast werd geoordeeld dat IJburg de algemene voorwaarden niet rechtsgeldig had overhandigd, waardoor aansprakelijkheidsbeperkingen daarin niet konden worden ingeroepen. De rechtbank veroordeelde IJburg tot betaling van €18.063,77 aan [A] plus wettelijke rente en in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van de makelaar af en veroordeelt haar tot betaling van €18.063,77 schadevergoeding aan de koper.