ECLI:NL:RBAMS:2010:BM2526
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.J. Polak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering ziekengeld wegens schending hoorplicht en in stand laten rechtsgevolgen
Eiser vroeg op 27 juni 2007 een uitkering krachtens de Ziektewet aan vanwege arbeidsongeschiktheid sinds 2005. Verweerder weigerde het ziekengeld primair omdat eiser geschikt werd geacht zijn eigen werk te hervatten. Na bezwaar nam verweerder op 24 juli 2009 een inhoudelijk besluit tot afwijzing, gebaseerd op rapportages van bezwaarverzekeringsartsen.
Eiser stelde dat hij niet de gelegenheid had gekregen om te reageren op de medische rapportages, dat het onderzoek niet zorgvuldig was en dat hij door zijn hoge bloeddruk arbeidsongeschikt was. De rechtbank oordeelde dat verweerder eiser had moeten horen op grond van artikel 7:2 Awb Pro, omdat het besluit was gebaseerd op nieuwe medische gegevens. Het besluit werd daarom vernietigd wegens schending van de hoorplicht.
Desondanks liet de rechtbank de rechtsgevolgen van het besluit in stand omdat het dienstverband van eiser per 1 december 2005 was beëindigd en de werkomstandigheden van de oude functie geen rol meer spelen bij de vraag of eiser geschikt is voor zijn eigen werk bij een andere werkgever. De rechtbank veroordeelde verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan eiser.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van ziekengeld wordt vernietigd wegens schending van de hoorplicht, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.