ECLI:NL:RBAMS:2010:BM5881
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet afdwingbaarheid stellig voornemen aanvullend pensioen bij voortijdig vertrek werknemer
Eiser was van 1976 tot 1997 werkzaam binnen het Philipsconcern en nam deel aan de pensioenregeling. Philips gaf in 1995 een brief af waarin een 'stellig voornemen' tot een aanvullend pensioen werd aangekondigd, maar zonder harde toezegging. Eiser verzocht na zijn pensioengerechtigde leeftijd om uitkering van dit aanvullende pensioen, maar Philips weigerde omdat eiser voortijdig uit dienst was gegaan.
De rechtbank stelt vast dat het stellig voornemen geen afdwingbare pensioentoezegging is en dat Philips het realiseren daarvan mocht beperken tot werknemers die op hun pensioendatum nog in dienst waren. De uitleg van eiser dat het om een onvoorwaardelijke toezegging ging, wordt verworpen omdat dit de pensioenwetgeving zou omzeilen.
De vordering van eiser wordt afgewezen en hij wordt veroordeeld in de proceskosten. Er is geen bewijs dat Philips in vergelijkbare gevallen anders heeft gehandeld, zodat er geen sprake is van ongelijk behandelen van gelijke gevallen.
Uitkomst: De vordering tot toekenning van het aanvullende pensioen wordt afgewezen omdat het stellig voornemen geen afdwingbare toezegging is.