ECLI:NL:RBAMS:2010:BM6356
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.W. Bianchi
- J.W. Vriethoff
- J.L. de Vries
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid officier van justitie bij ingetrokken Europees aanhoudingsbevel
De rechtbank Amsterdam behandelde op 16 april 2010 de vordering van de officier van justitie tot overlevering van een opgeëiste persoon op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door de Mosonmagyaróvár City Court in Hongarije.
Tijdens de zitting werd vastgesteld dat het oorspronkelijke EAB was ingetrokken omdat de opgeëiste persoon inmiddels in Hongarije was veroordeeld voor de feiten waarop het bevel betrekking had. Een nieuw EAB was uitgevaardigd, maar deze lag nog niet ter beoordeling voor de rechtbank.
De rechtbank concludeerde dat door de intrekking van het oorspronkelijke EAB de grondslag voor de vordering van de officier van justitie was komen te vervallen. Daarom werd de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering. De officier van justitie kan een nieuwe vordering indienen met betrekking tot het nieuwe EAB.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Amsterdam, waarbij de opgeëiste persoon werd bijgestaan door een tolk en zijn raadsman. Tegen deze beslissing staat geen gewoon rechtsmiddel open.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de officier van justitie niet-ontvankelijk in haar vordering tot overlevering wegens intrekking van het Europees aanhoudingsbevel.