ECLI:NL:RBAMS:2010:BN1018
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- W. Tonkens-Gerkema
- Rechtspraak.nl
Beëindiging samenwerking en geschil over ontbinding realisatieovereenkomst De Hallen
Het Stadsdeel Amsterdam en Burgfonds sloten een realisatieovereenkomst (Rok) voor de ontwikkeling van het Hallencomplex. Door gewijzigde marktomstandigheden en terugtrekking van financieringspartijen ontstond onenigheid over de voortzetting van het project. Op 9 december 2009 werd afgesproken de samenwerking met wederzijds goedvinden te beëindigen, inclusief afspraken over schadevergoeding en openstaande posten.
Burgfonds betwistte de ontbinding en stelde zich op het standpunt dat zij bij de beëindiging was misleid (dwaling), omdat het Stadsdeel haar niet had geïnformeerd over voorgenomen wijzigingen in de randvoorwaarden van het project. Het Stadsdeel stelde dat de overeenkomst rechtsgeldig was ontbonden en dat Burgfonds haar exclusieve positie had verloren.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de samenwerking onder de realisatieovereenkomst tussen het Stadsdeel en Burgfonds is beëindigd. Of sprake is van dwaling vergt nader onderzoek dat niet in kort geding kan worden gedaan. Voorshands is niet uitgesloten dat het Stadsdeel Burgfonds had moeten informeren over de wijzigingen, maar Burgfonds kan geen volledige exclusiviteit of voorrang afdwingen, mede gezien haar proceshouding en het tijdsverloop. De vorderingen van het Stadsdeel tot het opleggen van gedragsmaatregelen aan Burgfonds en SCHA worden afgewezen, en de proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst de gevorderde voorzieningen af en compenseert de proceskosten tussen partijen.