ECLI:NL:RBAMS:2010:BO2898
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- D.J. Cohen Tervaert
- W.M. de Vries
- J.L. de Vries
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen handel met voorkennis in aandelen Grolsch NV
De rechtbank Amsterdam heeft op 3 november 2010 uitspraak gedaan in een zaak tegen verdachte, die werd verdacht van medeplegen van handelen met voorwetenschap in certificaten van aandelen Koninklijke Grolsch NV. De feiten betreffen aankopen in november 2007, vlak voor de openbare bekendmaking van een overnamebod door SABMiller.
Het Openbaar Ministerie stelde dat verdachte en zijn vader, medeverdachte, gebruik maakten van niet-openbare, concrete informatie over de voorgenomen overname. De rechtbank oordeelde dat verdachte het vermoeden van handelen met voorkennis niet kon weerleggen, mede vanwege de afwijking van het beleggingspatroon van medeverdachte en de familierelaties die de informatieoverdracht aannemelijk maakten.
De rechtbank sprak verdachte vrij van een deel van de tenlastelegging wegens onvoldoende bewijs, maar verklaarde het overige bewezen. Verdachte werd veroordeeld tot een geldboete van €5.000,-, met een vervangende hechtenis van 60 dagen bij niet-betaling. De rechtbank achtte medeplegen bewezen omdat verdachte de beleggingsbeslissingen nam en medeverdachte deze uitvoerde.
De rechtbank verwierp de verweren van de verdediging, waaronder schending van het zorgvuldigheids- en gelijkheidsbeginsel, en concludeerde dat het Openbaar Ministerie ontvankelijk was. De straf is gematigd vanwege het ontbreken van eerder strafbare feiten en het geringe gevaar voor herhaling.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van €5.000,- met vervangende hechtenis van 60 dagen bij niet-betaling wegens medeplegen van handelen met voorkennis.