ECLI:NL:RBAMS:2010:BO8108
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Toestemming overlevering verdachte deelname criminele organisatie en diefstal
De rechtbank Amsterdam behandelde een vordering tot overlevering op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door België. De verdachte wordt verdacht van deelname aan een internationaal opererende criminele organisatie en diefstal uit een auto in Antwerpen. De rechtbank beoordeelt niet het bewijs, maar toetst of aan de wettelijke vereisten voor overlevering is voldaan.
De verdediging voerde aan dat de stukken onvoldoende waren en dat de verdachte niet concreet kon worden aangewezen als medeplichtige. De rechtbank oordeelde dat de feitomschrijving voldoende is om de dubbele strafbaarheid te toetsen en dat het niet vereist is dat het feit onder een identieke Nederlandse strafbepaling valt, zolang het dezelfde kern van het rechtsgoed beschermt.
Verder werd een garantie gegeven dat de verdachte na overlevering de mogelijkheid krijgt om verzet aan te tekenen tegen een verstekvonnis. De rechtbank concludeerde dat aan alle voorwaarden van de Overleveringswet is voldaan en stond de overlevering toe. Tegen deze beslissing staat geen gewoon rechtsmiddel open.
Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering van de verdachte aan België toe voor de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf van 30 maanden.