ECLI:NL:RBAMS:2010:BO8170
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs poging moord en wapenbezit in schietincident Bijlmer
Op 3 augustus 2009 vonden twee schietincidenten plaats bij de onderdoorgang van de flat Groeneveen in Amsterdam. Verdachte werd beschuldigd van poging moord op twee slachtoffers en het bezit van munitie. De officier van justitie stelde dat verdachte met voorbedachten rade had geschoten en munitie in bezit had, onderbouwd met verklaringen van slachtoffers, getuigenverklaringen en forensisch bewijs.
De verdediging voerde aan dat de belastende verklaringen van de slachtoffers niet betrouwbaar waren, omdat zij het gezicht van de schutter niet goed hadden kunnen zien en later elkaar mogelijk hadden beïnvloed. Ook getuigen verklaarden verdachte niet op de plaats delict te hebben gezien, terwijl anderen bevestigden dat verdachte thuis was. Het technisch onderzoek kon niet met zekerheid vaststellen dat verdachte de schutter was.
De rechtbank oordeelde dat de verklaringen van de slachtoffers onvoldoende betrouwbaar waren vanwege twijfel over hun waarnemingen en mogelijke beïnvloeding. Ook ontbrak een proces-verbaal over de kwalificatie van de aangetroffen munitie, waardoor niet bewezen kon worden dat verdachte verboden munitie bezat. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten en wees het verzoek tot een schouw af.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs voor poging moord en wapenbezit.