ECLI:NL:RBAMS:2010:BR4184
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.M. van der Nat
- J.H.J. Evers
- W.H. van Benthem
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplichtigheid aan doodslag in speeltuin Amsterdam Zuidoost
Op 21 september 2009 vond in een speeltuin in Amsterdam Zuidoost een schietincident plaats waarbij het slachtoffer werd doodgeschoten door een medeverdachte met een vuurwapen dat uit de tas van verdachte werd gehaald. Verdachte bood medeverdachte de gelegenheid het wapen te pakken en bracht hem na het incident met de auto weg.
De rechtbank oordeelde dat verdachte medeplichtig was aan doodslag omdat hij het wapen bij zich had en medeverdachte de gelegenheid gaf dit te gebruiken. Er was geen bewijs voor medeplegen van moord, omdat geen sprake was van nauwe samenwerking of kalm beraad.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van 3 jaar op, rekening houdend met de ernst van het delict, de impact op de gemeenschap en het feit dat het incident plaatsvond in een speeltuin waar kinderen spelen. De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding werd afgewezen wegens onvoldoende bewijs van haar recht op vergoeding.
De rechtbank baseerde haar oordeel op getuigenverklaringen, forensisch onderzoek van hulzen en het pathologisch rapport dat de doodsoorzaak bevestigde. De verdediging voerde onder meer verweren aan tegen de betrouwbaarheid van getuigen en het ontbreken van technisch bewijs, maar deze werden verworpen.
De straf is gebaseerd op artikelen uit het Wetboek van Strafrecht en de Wet wapens en munitie, waarbij het bezit van het vuurwapen als strafbaar werd aangemerkt.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 3 jaar gevangenisstraf voor medeplichtigheid aan doodslag en het voorhanden hebben van een vuurwapen.