ECLI:NL:RBAMS:2010:BU4401
Rechtbank Amsterdam
- Wraking
- E.R.S.M. Marres
- M. van Hees
- W.M. de Vries
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen bestuursrechter wegens vermeende partijdigheid
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen een bestuursrechter van de rechtbank Amsterdam op grond van vermeende partijdigheid. Dit verzoek volgde nadat de rechter weigerde verweerder en een niet verschenen getuige op te roepen, waardoor verzoeker zijn vragen aan verweerder niet kon stellen. Verzoeker stelde dat hierdoor het beginsel van hoor en wederhoor werd geschonden en hij in een nadelige positie verkeerde.
De rechtbank heeft het wrakingsverzoek inhoudelijk beoordeeld en geoordeeld dat de genoemde omstandigheden geen aanleiding geven tot de vrees dat de rechter onpartijdig zou zijn. De rechtbank benadrukte dat een rechter uit hoofde van zijn functie wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij er zwaarwegende aanwijzingen zijn voor vooringenomenheid. De wijze van behandeling en de genomen beslissingen waren volgens de rechtbank niet onbegrijpelijk of onredelijk.
Verder wees de rechtbank erop dat een wrakingsverzoek niet bedoeld is om onwelgevallige beslissingen aan te vechten, daarvoor is het rechtsmiddelenstelsel bedoeld. Verzoeker kan de beslissingen in hoger beroep aan de orde stellen. Gezien het ontbreken van feiten die een ander oordeel zouden rechtvaardigen, wees de rechtbank het wrakingsverzoek af en bepaalde dat de bestuurszaken worden hervat in de stand van vóór het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de bestuursrechter wordt afgewezen wegens het ontbreken van objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid.