ECLI:NL:RBAMS:2010:BU4485
Rechtbank Amsterdam
- Wraking
- E.R.S.M. Marres
- J. Westhoff
- M.H. van der Veen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek wegens ontbreken objectieve vrees voor rechterlijke partijdigheid
Verzoekster, eisende partij in conventie en gedaagde in reconventie, verzocht de wraking van de civiele rechter op grond van vermeende schending van de goede procesorde en het beginsel van hoor en wederhoor. Dit verzoek volgde op het feit dat verzoekster niet aanwezig was bij de comparitie van partijen op 23 augustus 2010 vanwege ziekte van haar statutair directeur, en zij daardoor niet kon reageren op stellingen van de wederpartij.
De rechtbank stelde vast dat verzoekster en haar advocaat niet tijdig hadden verzocht om aanhouding van de comparitie en dat er geen bericht van verhindering was ontvangen. De rechter had verzoeken om nadere datumbepaling en om alsnog schriftelijk of mondeling te reageren afgewezen zonder nadere motivering. Verzoekster meende hierdoor dat de rechter niet onpartijdig kon zijn.
De rechtbank oordeelde dat het gesloten systeem van rechtsmiddelen geen ruimte biedt om de juistheid van rechterlijke beslissingen te toetsen in een wrakingsprocedure. Er was geen sprake van feiten of omstandigheden die objectief een vrees voor partijdigheid rechtvaardigen. Verzoekster had de gelegenheid tot hoor en wederhoor laten voorbijgaan zonder nadere berichtgeving. Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen.
De beslissing is genomen door de rechtbank Amsterdam, waarbij de voorzitter en twee leden de beschikking hebben gewezen. Tegen deze beslissing is geen voorziening mogelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt afgewezen wegens het ontbreken van objectief gerechtvaardigde vrees voor rechterlijke partijdigheid.