ECLI:NL:RBAMS:2011:BP7024
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- W. Tonkens-Gerkema
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot analoge toepassing van artikel 3:264 BW voor pandhouder lidmaatschapsrecht flatcoöperatie
Verzoekster, een bank, heeft een lidmaatschapsrecht in een flatcoöperatie als pandrecht verkregen van een lid dat zijn betalingsverplichtingen niet nakwam. Zij heeft de openbare verkoop van dit lidmaatschapsrecht aangezegd en voorafgaand daaraan een verzoek ingediend om het huurbeding ex artikel 3:264 lid 5 BW Pro in te roepen jegens de huurders van de woning.
Omdat artikel 3:264 BW Pro alleen voorziet in een regeling voor hypotheekhouders en niet voor pandhouders, verzocht verzoekster om een analoge toepassing van dit artikel. De voorzieningenrechter oordeelde dat een dergelijke analoge toepassing niet mogelijk is, omdat de wetgever bewust alleen hypotheekhouders de mogelijkheid geeft om met verlof van de rechter het huurbeding in te roepen.
De voorzieningenrechter benadrukte dat het huurbeding jegens pandhouders niet kenbaar is voor potentiële huurders en dat het opleggen van een onderzoeksplicht aan huurders te zwaar zou zijn. Er waren geen bijzondere omstandigheden die een afwijking van deze hoofdregel rechtvaardigden, zodat het verzoek werd afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om verlof tot inroeping van het huurbeding door de pandhouder wordt geweigerd.