ECLI:NL:RBAMS:2011:BP7606
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag parkeervergunning wegens beschikbaarheid stallingsplaats in parkeergarage
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor een bewonersparkeervergunning, welke door verweerder is afgewezen omdat eiser kan beschikken over een stallingsplaats in de parkeergarage van zijn appartementencomplex. Eiser betoogde dat hij financieel niet in staat is deze stallingsplaats te kopen of te huren en deed een beroep op de hardheidsclausule en het gelijkheidsbeginsel.
De rechtbank oordeelde dat de aanvraag moet worden beoordeeld aan de hand van de Parkeerverordening 2007 en het Uitwerkingsbesluit Bos en Lommer 2007. Volgens artikel 9 van Pro de verordening wordt een vergunning geweigerd indien de aanvrager kan beschikken over een stallingsplaats. Een plaats in de parkeergarage wordt als stallingsplaats aangemerkt. De financiële situatie van eiser is hierbij irrelevant.
Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat eiser geen gelijk geval kon aantonen met bewoners die via een Amsterdamse Middensegment Hypotheek een woning hadden gekocht. Ook het beroep op de hardheidsclausule werd verworpen, aangezien verweerder beleidsvrijheid heeft en eiser onvoldoende aannemelijk maakte dat afwijking gerechtvaardigd was. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de parkeervergunning wordt ongegrond verklaard.