ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ4842
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen aandeelhouders wegens geen misbruik bij overname Fortis Nederlandse onderdelen
De rechtbank Amsterdam behandelde de zaak waarin de Vereniging van Effectenbezitters (VEB) en Deminor Stichting FortisEffect de Staat der Nederlanden en Ageas (voorheen Fortis) aansprakelijk stelden voor de gang van zaken rondom de overname van de Nederlandse onderdelen van Fortis op 3 oktober 2008.
Eisers stelden dat de Staat misbruik had gemaakt van de bijzondere omstandigheden waarin Fortis verkeerde, dat een te lage prijs was betaald en dat aandeelhouders onjuist waren geïnformeerd. De Staat en Fortis voerden verweer en stelden dat de overname noodzakelijk was om een faillissement te voorkomen en dat de prijs marktconform was vastgesteld.
De rechtbank oordeelde dat Fortis zich in een noodtoestand bevond en dat de Staat gerechtvaardigd was de overname te bevorderen om de financiële sector te beschermen. Het rapport van een Belgisch college van deskundigen bevestigde dat de betaalde prijs redelijk was in de gegeven omstandigheden. VEB en Deminor slaagden er niet in hun stellingen voldoende te onderbouwen.
Daarom wees de rechtbank alle vorderingen af en veroordeelde VEB en Deminor in de proceskosten. De rechtbank concludeerde dat geen sprake was van misbruik van omstandigheden of onrechtmatig handelen door de Staat of Fortis.
Uitkomst: Alle vorderingen van VEB en Deminor worden afgewezen wegens het ontbreken van misbruik van omstandigheden door de Staat bij de overname van de Nederlandse Fortis-onderdelen.