ECLI:NL:RBAMS:2011:BR1335
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- S.A. Krenning
- W.H. van Benthem
- M.C.J. Rozijn
- Rechtspraak.nl
Toestemming overlevering Nederlandse verdachte aan België op grond van Europees Aanhoudingsbevel
De rechtbank Amsterdam behandelde op 29 april 2011 een vordering tot overlevering van een Nederlandse verdachte aan België op grond van een Europees Aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door de onderzoeksrechter te Antwerpen. De verdachte werd verdacht van deelname aan een criminele organisatie en illegale handel in verdovende middelen.
De verdediging voerde aan dat het EAB niet door een bevoegde justitiële autoriteit was uitgevaardigd en dat de feitomschrijving onvoldoende was. De rechtbank oordeelde dat het vertrouwensbeginsel tussen lidstaten geldt en dat het EAB, samen met aanvullende informatie, voldoende duidelijkheid bood over de feiten en de rol van de verdachte.
Verder werd vastgesteld dat de feiten ook naar Nederlands recht strafbaar zijn en dat de terugkeergarantie voor de Nederlandse nationaliteit van de verdachte was gegeven. De rechtbank verwierp het verweer dat overlevering moest worden geweigerd omdat een deel van de feiten op Nederlands grondgebied zou zijn gepleegd en dat het bewijs grotendeels in Nederland zou liggen.
Een verzoek tot schorsing van de overleveringsdetentie na de uitspraak werd eveneens afgewezen. De rechtbank besloot de overlevering toe te staan, waarbij geen gewoon rechtsmiddel openstaat tegen deze uitspraak.
Uitkomst: De rechtbank Amsterdam staat de overlevering van de verdachte aan België toe op grond van het Europees Aanhoudingsbevel.