ECLI:NL:RBAMS:2011:BR5357
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- W. Tonkens - Gerkema
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen merkinbreuk en onrechtmatig handelen door navullen Heinekenfusten met Olmbier
Heineken beschuldigt Olm ervan Heinekenfusten en kelderbierinstallaties in Heinekencafés heimelijk te vullen met Olmbier, dat vervolgens als Heinekenbier wordt verkocht. Heineken vordert een verbod op deze praktijken, teruglevering van fusten en inzage in relevante documentatie. Olm voert verweer dat zij het recht heeft Heinekenfusten te gebruiken en dat zij niet verantwoordelijk is voor misbruik door derden.
De voorzieningenrechter stelt vast dat Heineken eigenaar blijft van haar fusten en dat het navullen met Olmbier merkinbreuk oplevert. Ook oordeelt de rechter dat het vullen van kelderbierinstallaties in Heinekencafés onrechtmatig is, omdat Olm profiteert van wanprestatie van caféhouders die exclusief Heinekenbier moeten tappen.
Olm wordt verboden kelderbierinstallaties met Olmbier te vullen met onmiddellijke ingang en het navullen van Heinekenfusten te staken binnen 30 dagen. Tevens moet Olm Heineken voorzien van gedetailleerde informatie over de fusten en leveringen sinds 1 april 2008. Diverse dwangsommen worden opgelegd bij overtreding. De vorderingen van Olm tegen Heineken worden grotendeels afgewezen, behalve een vordering tot teruggave van Olmfusten die Heineken in bezit heeft.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en de proceskosten worden aan Olm opgelegd. De voorlopige voorzieningen zijn bedoeld om de merkinbreuk en onrechtmatige concurrentie te stoppen totdat de bodemprocedure is afgerond.
Uitkomst: Olm wordt verboden Heinekenfusten met Olmbier te vullen en kelderbierinstallaties in Heinekencafés te vullen, met teruglevering en informatieplicht aan Heineken.