ECLI:NL:RBAMS:2011:BS8877
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanlegvergunning fruitbomen en sloot wegens onevenredige inbreuk op bestemmingsplan
Eiser vroeg op 25 maart 2005 een aanlegvergunning aan voor de aanplant van 96 hoogstamfruitbomen, 252 laagstamfruitbomen en de aanleg van een sloot op zijn terrein. Eerder had de gemeente in 2003 ingestemd met handhaving van reeds aangeplante fruitbomen omdat de overtreding van het bestemmingsplan van ondergeschikte betekenis was. De rechtbank stelde vast dat eiser verwachtingen mocht ontlenen aan deze mededeling, maar dat hij in 2005 meer had aangevraagd dan waarvoor was ingestemd.
De rechtbank overwoog dat de gemeente de aanvraag in zijn geheel moest beoordelen en dat de weigering van de vergunning redelijk was vanwege de onevenredige negatieve impact op natuurwetenschappelijke, landschappelijke en cultuurhistorische waarden. Uit rapporten van Royal Haskoning en BRO bleek dat de aanplant van fruitbomen en aanleg van de sloot niet gebiedseigen waren en de landschappelijke samenhang en cultuurhistorische kenmerken aantasten.
Eiser voerde verder aan dat hij ongelijk werd behandeld ten opzichte van een naastgelegen kwekerij, maar de rechtbank verwierp dit beroep op het gelijkheidsbeginsel omdat elke zaak op zijn eigen merites moet worden beoordeeld. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde het besluit tot weigering van de aanlegvergunning.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft de weigering van de aanlegvergunning.