ECLI:NL:RBAMS:2011:BT7498
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens verstoorde arbeidsrelatie na belediging leidinggevende
De werknemer, werkzaam als medewerker expeditie sinds 2001, werd op 19 mei 2011 op staande voet ontslagen wegens het uiten van de belediging 'fucking hoer' richting zijn teamleidster tijdens werktijd op 15 mei 2011. De werkgever stelde dat dit gedrag een dringende reden vormde voor ontslag en verzocht ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens gewichtige redenen.
De werknemer betwistte de beschuldigingen en stelde dat hij de leidinggevende niet had uitgescholden, maar slechts boos was en met stemverheffing had gesproken. Ook voerde hij aan dat de arbeidsrelatie met de leidinggevende al langere tijd moeizaam was en dat het ontslag onterecht was.
De kantonrechter oordeelde dat het ontslag op staande voet niet direct kon worden getoetst vanwege de betwisting van de feiten en dat dit in een bodemprocedure moet worden vastgesteld. Wel werd geoordeeld dat de arbeidsrelatie tussen partijen dermate verstoord was dat voortzetting niet mogelijk was, waardoor ontbinding van de arbeidsovereenkomst werd bevolen met ingang van 1 november 2011.
De kantonrechter kende aan de werknemer een bruto vergoeding van € 8.500 toe, deels vanwege de onduidelijkheid over de exacte toedracht van de gebeurtenissen en de duur van het dienstverband. Tevens werd bepaald dat de ontbinding niet rechtskracht krijgt indien de werkgever het verzoek intrekt. Beide partijen dragen hun eigen proceskosten, tenzij het verzoek wordt ingetrokken.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden wegens verstoorde arbeidsrelatie met een vergoeding van € 8.500 aan de werknemer.