ECLI:NL:RBAMS:2011:BT9285
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Uitleg mondelinge overeenkomst over uitvaartkosten tussen vader en partner van overledene
Op 6 augustus 2008 is de dochter van eiser en partner van gedaagde overleden. Vader gaf opdracht aan PC Hooft Uitvaartverzorging om de uitvaart te regelen en ontving de factuur. Vader vordert van partner vergoeding van deze kosten, stellende dat zij mondeling hadden afgesproken dat partner de kosten zou dragen.
De partner betwist dit en stelt dat vader de uitvaartkosten voor eigen rekening heeft genomen, mede omdat hij de uitvaart volledig heeft geregeld zonder betrokkenheid van de partner. De rechtbank beoordeelt de mondelinge overeenkomst en stelt vast dat er geen expliciete afspraak was over de betaling van de uitvaartkosten.
Gezien het wettelijke uitgangspunt dat de erfgenaam verantwoordelijk is voor uitvaartkosten, mocht vader redelijkerwijs verwachten dat partner deze kosten zou dragen. Echter, de omstandigheden en gedragingen van partijen wijzen erop dat vader de kosten zelf zou betalen. De vordering van vader tegen partner wordt daarom afgewezen.
De rechtbank veroordeelt vader tot betaling aan de uitvaartorganisatie en wijst de vordering in vrijwaring tegen partner af. Tevens worden proceskosten toegewezen aan de zijde van de uitvaartorganisatie en partner.
Uitkomst: Vader is veroordeeld tot betaling van de uitvaartkosten aan de uitvaartorganisatie; vordering tegen partner is afgewezen.