ECLI:NL:RBAMS:2011:BV3045
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot revindicatie van schilderij Jan Sluijters
De erven van de overleden eigenaar vorderen de eigendom en afgifte van een schilderij van Jan Sluijters dat in 2010 in bezit was van een derde, [H]. De erven stellen dat het schilderij nooit rechtsgeldig is verkocht en dat [H] het schilderij niet te goeder trouw heeft verkregen.
De rechtbank stelt vast dat het schilderij in 1994 door de oorspronkelijke eigenaar in consignatie is gegeven aan een kunsthandelaar, [K], met de opdracht het schilderij te verkopen. [K] heeft het schilderij niet teruggegeven en is veroordeeld voor oplichting, maar onvindbaar. Het schilderij werd later door [H] te koop aangeboden via een andere kunsthandelaar, [J].
De rechtbank beoordeelt dat de erven onvoldoende hebben onderbouwd dat [K] niet bevoegd was het schilderij te verkopen en dat er geen geldige koopovereenkomst was tussen [K] en [J]. Ook is onvoldoende gesteld dat [H] niet te goeder trouw was bij de verkrijging. Daarom wordt de vordering afgewezen en worden de erven veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot eigendom en afgifte van het schilderij wordt afgewezen en de erven worden veroordeeld in de proceskosten.