Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
- het wrakingsverzoek van verzoekster van 30 oktober 2012;
- de schriftelijke reactie van de rechter bij brief van 1 november 2012.
Rechtbank Amsterdam
Verzoekster heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. F.M.P.M. Strengers, kantonrechter, omdat zij meent dat de rechter partijdig is door beslissingen die in het voordeel van de wederpartij, ONVZ Ziektekostenverzekering N.V., zijn genomen. Zij stelt dat stukken van haar steeds buiten beschouwing zijn gelaten en dat de rechter haar stellingen onvoldoende heeft meegenomen.
De rechtbank heeft het wrakingsverzoek inhoudelijk beoordeeld en geoordeeld dat de rechterlijke onpartijdigheid niet in het geding is. De rechter heeft verzoekster meerdere malen in de gelegenheid gesteld bewijsstukken in te dienen en heeft de procesorde gehandhaafd door stukken buiten beschouwing te laten die niet aan de regels voldeden. Het enkele feit dat verzoekster na het wrakingsverzoek nog een brief ontving over een vonnisdatum werd gezien als een administratieve vergissing.
De rechtbank benadrukt dat onwelgevallige rechterlijke beslissingen niet automatisch wijzen op vooringenomenheid. Het verzoek is tijdig ingediend en de wrakingskamer heeft vastgesteld dat er geen feiten of omstandigheden zijn die een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid rechtvaardigen. Het wrakingsverzoek wordt daarom afgewezen en de civiele procedure wordt voortgezet.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt afgewezen wegens het ontbreken van een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid.