ECLI:NL:RBAMS:2012:BV2693
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot vaststelling schadebeperkingsplicht en schaderegeling na verkeersongeval
Verzoekster [A] is betrokken geraakt bij een verkeersongeval op 26 januari 1998 waarbij Allianz aansprakelijkheid erkende. Na langdurige reïntegratiepogingen is vastgesteld dat zij volledig arbeidsongeschikt is voor haar functie bij de politie. Een arbeidsdeskundige stelde vast dat zij volledig arbeidsongeschikt is voor elke arbeid, maar een definitief rapport is niet afgerond.
[A] verzoekt de rechtbank te verklaren dat zij aan haar schadebeperkingsplicht heeft voldaan en Allianz te veroordelen tot medewerking aan een schaderegeling. Allianz betwist dit en stelt dat onvoldoende is aangetoond dat [A] geen restverdiencapaciteit heeft en dat er geen nieuwe feiten zijn die het oordeel over schadebeperking rechtvaardigen.
De rechtbank oordeelt dat het niet vaststaat dat [A] aan haar schadebeperkingsplicht heeft voldaan, mede omdat het UWV-rapport alleen betrekking heeft op haar eigen functie en niet op andere werkzaamheden. Ook het ontbreken van buitengerechtelijke onderhandelingen weegt niet zwaar genoeg om het verzoek af te wijzen. Het verzoek tot medewerking aan een schaderegeling wordt afgewezen omdat de uitgangspunten daarvoor niet vaststaan.
De rechtbank veroordeelt Allianz in de proceskosten van [A], matigt de gedeclareerde uren van de advocaat wegens bovenmatige kosten en verklaart de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad. De procedure wordt daarmee deels afgewezen en deels toegewezen.
Uitkomst: Verzoek tot vaststelling dat verzoekster aan haar schadebeperkingsplicht heeft voldaan en tot medewerking aan schaderegeling wordt afgewezen; Allianz wordt veroordeeld in proceskosten.